Wanneer je een vaststellingsovereenkomst (VSO) tekent bij ontslag, denk je misschien dat alles definitief is. Toch is er goed nieuws: de wet geeft werknemers een bedenktermijn van 14 dagen. In deze periode kun je zonder reden terugkomen op je handtekening.
In mijn praktijk merk ik dat veel mensen dit niet weten — of er geen gebruik van maken. Dat is zonde, want juist in deze fase kun je een ongunstige regeling nog herstellen.
Wat is de bedenktermijn bij een VSO?
Bij een ontslag met wederzijds goedvinden via een vaststellingsovereenkomst heeft een werknemer wettelijk recht op een bedenktermijn van 14 dagen. Binnen deze periode mag je de overeenkomst ontbinden zonder opgaaf van reden.
Belangrijke punten:
- De bedenktermijn start na ondertekening
- Ontbinden moet schriftelijk gebeuren
- De werkgever mag hier geen voorwaarden aan verbinden
- Staat de bedenktermijn niet in de VSO vermeld? Dan geldt zelfs 21 dagen
Dit recht is bedoeld om werknemers te beschermen tegen overhaaste beslissingen.
In de praktijk: bedenktermijn wordt weinig gebruikt
In de praktijk zie ik dat weinig mensen de bedenktermijn benutten. Vooral werknemers die al juridische bijstand hebben gehad, gaan ervan uit dat alles klopt.
Toch kan een tweede blik veel verschil maken.
Praktijkvoorbeeld: VSO vernietigd binnen de bedenktermijn
Onlangs meldde zich een cliënt bij mij die al een getekende vaststellingsovereenkomst had. Toch had hij twijfels en wilde hij de VSO alsnog laten beoordelen.
Bij controle bleek dat:
- de vergoeding onder de marktwaarde lag
- belangrijke afspraken ontbraken
- de formulering risico’s gaf voor zijn WW-recht
Kortom: geen goede deal.
Gelukkig waren de 14 dagen bedenktermijn nog niet verstreken. We hebben direct een beroep gedaan op de bedenktijd en de VSO rechtsgeldig ontbonden.
Daarna zijn we opnieuw in onderhandeling gegaan. Het resultaat? Een aanzienlijk betere regeling voor mijn cliënt.
